Wat is borstkanker?


Als je te horen krijgt dat je borstkanker hebt, of als iemand in je omgeving deze diagnose krijgt, komt er enorm veel op je af. Je hebt vragen, zorgen en wilt begrijpen wat er precies aan de hand is. Op deze pagina leggen we uit wat borstkanker is, hoe de ziekte ontstaat, welke vormen er bestaan en wat je kunt verwachten na een diagnose. We doen dit in begrijpelijke taal, zonder medisch jargon, zodat je goed geïnformeerd je behandeltraject kunt ingaan.

Borstkanker in het kort

Borstkanker is een kwaadaardige tumor die ontstaat in het borstweefsel. De medische term hiervoor is mammacarcinoom. Het ontstaat wanneer cellen in de borst zich ongecontroleerd beginnen te delen. Normaal gesproken vernieuwen cellen zich op een gecontroleerde manier: oude cellen sterven af en nieuwe cellen nemen hun plaats in. Bij kanker raakt dit proces verstoord. Cellen blijven zich delen, ook wanneer dat niet nodig is, en vormen zo een gezwel of tumor.

Een kwaadaardige tumor verschilt van een goedaardige tumor doordat de cellen de eigenschap hebben om door omliggend weefsel heen te groeien en zich via de bloedbaan of het lymfestelsel te verspreiden naar andere delen van het lichaam. Dit laatste noemen we uitzaaien of metastaseren.

Hoe vaak komt borstkanker voor?

Borstkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen. In België krijgen elk jaar meer dan 11.000 mensen de diagnose borstkanker. Alleen al in Vlaanderen worden jaarlijks ongeveer 6.000 vrouwen met deze ziekte geconfronteerd. De cijfers tonen aan dat ongeveer één op de zeven vrouwen gedurende haar leven met borstkanker te maken krijgt.

Hoewel borstkanker voornamelijk bij vrouwen voorkomt, kunnen ook mannen de ziekte krijgen. Dit is weliswaar zeldzaam: per jaar worden in België ongeveer 100 tot 150 mannen met borstkanker gediagnosticeerd. Bij mannen wordt borstkanker vaak later ontdekt, simpelweg omdat men er minder snel aan denkt.

De ziekte komt het meest voor bij vrouwen tussen de 50 en 70 jaar. Drie op de vier gevallen van borstkanker worden vastgesteld bij vrouwen boven de 50. Toch kan borstkanker op elke leeftijd voorkomen, ook bij jongere vrouwen.

Waar ontstaat borstkanker in de borst?

Om te begrijpen waar borstkanker ontstaat, is het nuttig om even stil te staan bij de opbouw van de borst. De borst bestaat uit klierweefsel, bindweefsel en vetweefsel. Het klierweefsel is opgebouwd uit melkklieren (lobuli) en melkgangen (ducti). De melkklieren produceren moedermelk, die via de melkgangen naar de tepel wordt getransporteerd.

Het overgrote deel van de borstkankers ontstaat in de melkgangen. Dit noemen we ductale borstkanker. Een kleiner deel ontstaat in de melkklieren zelf, wat lobulaire borstkanker wordt genoemd. In zeldzame gevallen kan borstkanker ook ontstaan in andere weefsels van de borst.

Rondom de borst bevinden zich lymfeklieren, vooral in de oksel. Het lymfestelsel speelt een belangrijke rol bij borstkanker, omdat kankercellen zich vaak als eerste via de lymfevaten verspreiden. Daarom wordt bij de diagnose en behandeling altijd gekeken naar de lymfeklieren in de oksel.

Welke soorten borstkanker zijn er?

Borstkanker is geen eenvormige ziekte. Er bestaan verschillende soorten, die elk hun eigen kenmerken en behandelmogelijkheden hebben. Het onderscheid wordt gemaakt op basis van waar de kanker ontstaat, hoe ver de kanker is gegroeid en welke eigenschappen de tumorcellen hebben.

Voorstadia van borstkanker
Soms worden afwijkende cellen ontdekt die nog niet zijn doorgegroeid naar omliggend weefsel. Dit noemen we een voorstadium of carcinoma in situ. Bij DCIS (ductaal carcinoma in situ) bevinden de afwijkende cellen zich in de melkgangen, maar zijn ze nog niet naar buiten gegroeid. Bij LCIS (Lobulair Carcinoma In Situ) zitten de afwijkende cellen in de melkklieren. Deze voorstadia kunnen zich ontwikkelen tot invasieve borstkanker, hoewel dit niet altijd gebeurt. DCIS wordt vaak ontdekt tijdens het bevolkingsonderzoek en wordt meestal wel behandeld. Bij LCIS is de behandeling afhankelijk van de specifieke situatie.


Invasieve borstkanker

Wanneer kankercellen wel doorgroeien naar het omliggende weefsel, spreken we van invasieve borstkanker. De meest voorkomende vorm is het invasief carcinoom NST (niet-speciale type), voorheen invasief ductaal carcinoom genoemd. Deze vorm maakt ongeveer 75 tot 80 procent van alle borstkankers uit en ontstaat in de melkgangen. De tumor voelt vaak aan als een harde knobbel. Invasief lobulair carcinoom komt minder vaak voor (ongeveer 15 procent) en ontstaat in de melkklieren. Deze vorm is lastiger te voelen en te zien op beeldvorming, omdat de cellen meer verspreid door de borst groeien.


Eigenschappen van de tumor

Naast de plaats waar de kanker ontstaat, wordt ook gekeken naar de eigenschappen van de tumorcellen. Dit is belangrijk voor het bepalen van de behandeling. Hormoongevoelige borstkanker groeit onder invloed van de vrouwelijke geslachtshormonen oestrogeen en progesteron. Ongeveer 75 tot 80 procent van de borstkankers is hormoongevoelig. Deze vorm kan behandeld worden met hormoontherapie en heeft over het algemeen een betere prognose.

Bij HER2-positieve borstkanker is er een overmaat aan het eiwit HER2 op de tumorcellen, wat de groei stimuleert. Ongeveer 10 tot 15 procent van de borstkankers is HER2-positief. Hoewel deze vorm agressiever kan zijn, zijn er tegenwoordig doelgerichte behandelingen beschikbaar die zeer effectief zijn.

Triple negatieve borstkanker is niet gevoelig voor oestrogeen, progesteron en ook niet HER2-positief. Deze vorm komt voor bij ongeveer 15 procent van de patiënten en treft vaker jongere vrouwen. Omdat de gebruikelijke hormoontherapie en HER2-gerichte behandelingen niet werken, wordt deze vorm met andere behandelingen aangepakt, zoals chemotherapie.

Hoe herken je borstkanker?

Borstkanker kan zich op verschillende manieren uiten, maar soms groeit een tumor zonder dat je er iets van merkt. Daarom is het bevolkingsonderzoek zo belangrijk: hiermee kunnen afwijkingen worden opgespoord nog voordat er klachten zijn.

Het meest voorkomende symptoom is een knobbeltje of verdikking in de borst die anders aanvoelt dan de rest van het borstweefsel. Dit knobbeltje is vaak hard en heeft onregelmatige randen. Niet elk knobbeltje betekent echter kanker: veel knobbeltjes zijn goedaardig.

Andere mogelijke signalen zijn veranderingen aan de tepel, zoals een tepel die naar binnen trekt of afscheiding uit de tepel (vooral als deze bloederig is). Ook huidveranderingen kunnen voorkomen, zoals een deuk of kuiltje in de huid, roodheid, schilfering of een sinaasappelhuidaspect. Sommige vrouwen merken een verandering in de vorm of grootte van de borst, of ervaren pijn in de borst, hoewel pijn minder vaak voorkomt bij borstkanker.

Bij inflammatoire borstkanker, een zeldzame maar agressieve vorm, ziet de borst er rood en gezwollen uit en voelt warm aan, alsof er een ontsteking is. Merk je één of meer van deze veranderingen op? Ga dan naar je huisarts. Het hoeft geen kanker te zijn, maar het is verstandig om het te laten onderzoeken.

Oorzaken en risicofactoren

Bij de meeste vrouwen is niet precies aan te wijzen waarom zij borstkanker hebben gekregen. De ziekte ontstaat door een samenspel van verschillende factoren, en vaak speelt toeval ook een rol. Wel zijn er factoren bekend die de kans op borstkanker kunnen vergroten.

Leeftijd is de belangrijkste risicofactor: hoe ouder je wordt, hoe groter de kans op borstkanker. Ook blootstelling aan vrouwelijke geslachtshormonen speelt een rol. Vrouwen die vroeg ongesteld werden, laat in de overgang kwamen, geen kinderen hebben gekregen of pas op latere leeftijd hun eerste kind kregen, hebben een licht verhoogd risico.

Bij ongeveer 5 tot 10 procent van de vrouwen met borstkanker speelt erfelijkheid een rol. Bekende genmutaties die het risico verhogen zijn BRCA1 en BRCA2. Als borstkanker vaak voorkomt in je familie, vooral op jonge leeftijd, kan erfelijkheidsonderzoek uitwijzen of je een verhoogd risico hebt.

Leefstijlfactoren kunnen ook invloed hebben. Overgewicht (vooral na de overgang), alcoholgebruik, roken en weinig lichaamsbeweging verhogen het risico enigszins. Dit betekent niet dat borstkanker je eigen schuld is: veel vrouwen met een gezonde leefstijl krijgen de ziekte, en veel vrouwen met risicofactoren krijgen hem niet.

Hoe wordt borstkanker vastgesteld?

Als er een vermoeden is van borstkanker, volgen verschillende onderzoeken. De huisarts verwijst je door naar een gespecialiseerde afdeling in het ziekenhuis, vaak de mammapoli of borstkliniek. Daar werkt een team van specialisten samen: radiologen, chirurgen, pathologen en oncologisch verpleegkundigen.

Het onderzoek begint meestal met beeldvorming. Een mammografie is een röntgenfoto van de borst die afwijkingen kan opsporen. Een echografie gebruikt geluidsgolven om onderscheid te maken tussen vaste knobbels en met vocht gevulde cysten. Soms wordt ook een MRI-scan gemaakt voor een gedetailleerder beeld.

Om met zekerheid te kunnen zeggen of een afwijking kwaadaardig is, wordt een biopsie genomen. Hierbij wordt met een naald een klein stukje weefsel weggenomen dat onder de microscoop wordt onderzocht door een patholoog. Het weefselonderzoek geeft niet alleen uitsluitsel over de vraag of het kanker is, maar ook over het type borstkanker en de eigenschappen van de tumorcellen.

Als borstkanker is vastgesteld, volgen soms aanvullende onderzoeken om te zien of de kanker zich heeft verspreid. Dit kunnen onderzoeken zijn van de lymfeklieren, een botscan, een CT-scan of een PET-scan. Op basis van alle uitslagen bepaalt het behandelteam in een multidisciplinair overleg welke behandeling het beste bij jouw situatie past.

Hoe wordt borstkanker behandeld?

De behandeling van borstkanker bestaat meestal uit een combinatie van verschillende behandelingen. Welke behandelingen je krijgt en in welke volgorde, hangt af van het type borstkanker, het stadium van de ziekte, de eigenschappen van de tumor en je persoonlijke situatie. Het behandelplan wordt altijd op maat gemaakt.


Operatie
Een operatie is meestal onderdeel van de behandeling. Bij een borstsparende operatie wordt alleen de tumor met een rand gezond weefsel verwijderd. Bij een borstamputatie (mastectomie) wordt het volledige borstklierweefsel weggehaald. De keuze hangt af van de grootte en locatie van de tumor, de grootte van de borst en je eigen voorkeur. Na een borstamputatie is vaak een borstreconstructie mogelijk.

Tijdens de operatie worden meestal ook één of meer lymfeklieren uit de oksel verwijderd om te controleren of de kanker zich daar heeft verspreid. Bij de schildwachtklierprocedure wordt alleen de eerste lymfeklier onderzocht waar eventuele kankercellen als eerste naartoe zouden gaan.


Bestraling (radiotherapie)
Na een borstsparende operatie krijg je bijna altijd bestraling om eventueel achtergebleven kankercellen te vernietigen. De bestraling richt zich op het borstweefsel en soms ook op de lymfekliergebieden. Een bestralingskuur bestaat meestal uit meerdere sessies, verspreid over enkele weken. De straling beschadigt het DNA van kankercellen, waardoor ze afsterven.


Chemotherapie
Chemotherapie bestaat uit medicijnen die kankercellen in het hele lichaam aanpakken. Je kunt chemotherapie krijgen na de operatie om de kans op terugkeer te verkleinen, maar soms ook ervoor om de tumor te verkleinen. De behandeling verloopt in kuren met tussenpozen waarin je lichaam kan herstellen. Chemotherapie kan bijwerkingen geven, zoals vermoeidheid, misselijkheid en haaruitval, maar deze zijn vaak goed te behandelen.


Hormoontherapie
Bij hormoongevoelige borstkanker kun je hormoontherapie krijgen. Dit zijn medicijnen die de werking van vrouwelijke geslachtshormonen blokkeren of de aanmaak ervan remmen. Hierdoor krijgen eventueel achtergebleven kankercellen geen groeisignaal meer. Hormoontherapie wordt meestal gedurende vijf tot tien jaar ingenomen in de vorm van tabletten.


Doelgerichte therapie en immuuntherapie
Bij HER2-positieve borstkanker kan doelgerichte therapie worden ingezet. Deze medicijnen richten zich specifiek op het HER2-eiwit en blokkeren de groeisignalen. Het bekendste middel is trastuzumab (Herceptin). Ook zijn er steeds meer nieuwe behandelingen, waaronder vormen van immuuntherapie die het eigen afweersysteem helpen om kankercellen te herkennen en aan te vallen.

Wat zijn de vooruitzichten?

De vooruitzichten bij borstkanker zijn de afgelopen decennia aanzienlijk verbeterd dankzij vroege opsporing en betere behandelingen. In Vlaanderen is de vijfjaarsoverleving gemiddeld 85 procent. Dit betekent dat 85 van de 100 vrouwen vijf jaar na de diagnose nog in leven zijn. Wanneer alleen wordt gekeken naar overlijden door borstkanker zelf (en niet door andere oorzaken), stijgt dit percentage naar 94 procent.

De prognose hangt af van verschillende factoren, zoals het stadium waarin de kanker wordt ontdekt, het type borstkanker en de eigenschappen van de tumor. Hoe eerder de ziekte wordt ontdekt, hoe beter de vooruitzichten meestal zijn. Daarom is deelname aan het bevolkingsonderzoek zo belangrijk.

Het is belangrijk om te weten dat vooruitzichten altijd gemiddelden zijn die gelden voor grote groepen. Jouw persoonlijke situatie kan anders zijn. Je behandelend arts kan je meer vertellen over wat je in jouw specifieke geval kunt verwachten.

De emotionele impact van borstkanker

Een diagnose borstkanker heeft niet alleen lichamelijke gevolgen. Het is een ingrijpende gebeurtenis die veel emoties losmaakt: angst, verdriet, boosheid, onzekerheid. Dit is volkomen normaal. De behandeling kan zwaar zijn en brengt vaak veranderingen met zich mee in je dagelijks leven, je werk, je relaties en je gevoel van eigenwaarde.

Het is belangrijk om steun te zoeken tijdens deze periode. Dat kan bij je naasten, bij je behandelteam, bij een psycholoog of maatschappelijk werker. Veel vrouwen vinden het ook waardevol om in contact te komen met lotgenoten: mensen die hetzelfde doormaken of hebben doorgemaakt. Het delen van ervaringen, tips en emoties met iemand die echt begrijpt wat je meemaakt, kan enorm helpend zijn.

Steun vinden bij Naboram

Bij Naboram vzw vind je lotgenotencontact met vrouwen die uit eigen ervaring weten wat het betekent om met borstkanker geconfronteerd te worden. Naboram bestaat al sinds 1978 en is actief in de regio Antwerpen. Onze vrijwilligers zijn zelf (ex-)borstkankerpatiënten die klaarstaan om je te steunen.

We organiseren regelmatig bijeenkomsten, gespreksavonden en informatiesessies, vaak in samenwerking met medische specialisten. Of je nu net de diagnose hebt gekregen, midden in je behandeling zit of al verder bent in je herstel: je bent welkom. Soms helpt het gewoon om te praten met iemand die het begrijpt.

Bekijk onze activiteitenkalender of neem contact met ons op.

Belangrijke disclaimer: Deze informatie is bedoeld ter ondersteuning en vervangt geen medisch advies. Voor vragen over jouw specifieke situatie neem je altijd contact op met je behandelend arts of verpleegkundig specialist.